Henk van Brussel’s fosten tori

Paramaribo, 6 augustus 2007

door Paul en Sandra Droog-Apon

Henk van Brussel,  68 jaar

Voorwoord

Fam Johan en Elize van Brussel-Gummels

Gezin Johan van Brussel en Elize Gummels met hun 14 kinderen. Henk van Brussel is de zesde van links, middelste rij (archief: Henk van Brussel, Paramaribo). Henkie (Hendrik Cornelis) van Brussel, 68 jaar, had jarenlang een melkwinkel aan de Verlengde Gemenelandsweg en is al jarenlang voorzitter van de Veehoudersbond. Hij zit o.a. ook in comité Herdenking Boeroekolonisatie. Henk van Brussel is getrouwd met Georgette Theresia van Raai. Zij hebben twee kinderen. Henk is de zoon van Johannes Cornelis van Brussel (1895-1975) en Elize Henriëtte Gummels (1903-2002). Johan en Elize hadden 14 kinderen: vijf zonen en negen dochters.

Een dag tevoren, zondag 5 augustus, was Henk op radio Future te horen in de uitzending in het programma ‘Grote zoon‘ van de heer Desi Truideman. In dat interview gaat het voornamelijk over de melkgeschiedenis. Dat interview hebben we natuurlijk op cassette opgenomen en is ook op de website geplaatst, evenals een artikel uit De Ware Tijd over een FAO-project om de melkproductie te stimuleren.

We hebben zoveel mogelijk de spreekstijl van Henk van Brussel aangehouden.
Paul en Sandra Droog-Apon
September 2007

De tori is in twee delen geknipt; hier volgt het 1e deel.

Henk van Brussel is op 24 juli 2014 overleden.

Melkcentrale

Ik heb niet alles verteld in het interview met de heer Truideman over de Melkcentrale. 
Ik was op een gegeven moment president-commissaris van de Melkcentraletooltip èn ik was de grootste afnemer van de Melkcentrale èn ik was voorzitter van de Veehoudersbond. We hadden melkschaarste in Suriname, dus de distributeurs van de Melkcentrale kregen bepaalde hoeveelheid melk. Ik verkocht mijn melk altijd tegen de vastgestelde prijs. Maar dan had je van die bosland creoolse vrouwen. Die mensen stonden achter mekaar en dan kochten ze twee pakken, want twee pakken verkocht ik. De laagste prijs was 50 cent. En dan gingen ze het rustig onder de markt verkopen voor een gulden en zo. Ik had wel die power om op dat moment te zeggen, desnoods aan de directeur van de Melkcentrale opdracht te geven, luister zorg dat je meer geeft aan zo’n verkooppunt en zo, maar ik heb het nooit gedaan. Ik vond dat die directeur eigenlijk nooit een punt op me mocht hebben bij vergaderingen om te zeggen: ‘Voorzitter maar je hebt zelf dit….’ Dus op een gegeven moment zit ik met 3 petten op en het was heel moeilijk om eruit te komen. Om je dusdanig te bewegen dat men eigenlijk geen punten op je vond, want we zitten in een kleine gemeenschap, dus iedereen let op je handelingen. En vandaag of morgen wordt je toch beoordeeld door het volk. Dus daar heb ik wel op gelet.

Schaarste

in de rij 1 - 800

Prentbriefkaart uit 1987: “Laatste mode: in de rij staan …” (Marlon Tjung Agnie, Art Design)

Maar die schaarste in 1995.

Ik zat hier met mijn melk, en die laatste dag van die oude melkprijs. Dus toen die melk nog 50 cent was. Het was vrijdag de laatste dag, 16 juni 1995, en die maandag zou het 1,50 zijn. En die dag was die filmploeg uit Nederland hier om het te filmen. En hebben ze gelijk gefilmd. Dat die mensen in die rijen staan, dan regende het op vrijdagmorgen. Een lange rij van mij uit door dat luikje, want ik heb dat luikje laten maken ik kan die mensen niet binnen laten ze zouden me kapot maken. Door het luikje gaf ik ze 2 liters melk. Een rij, zo tot die zaak voor die zaak van die bloemen voor de service station. Hoor je die mensen schreeuwen: ‘Holland, we gaan dood! Help ons, help ons, we gaan dood, we gaan dood!’
We zijn naar Saramacca gegaan om te jagen. Hebben ze van die jachttrip opnamen gemaakt. Ook van de voorbereidingen voor dat feesttooltip, toen we bezig waren schoon te maken op Groningen. Maar ze moesten voor de 20e weg omdat we hier de 21e het feest hadden en ze het dan daar op de televisie moesten uitzenden.
Over het melkgebeuren hebben jullie al opgenomen, misschien kan ik voorlopig praten over sport.

Voetbalvereniging UVV en RIVO

suriname-voetbal-team2

vlnr. Achterste rij staand: ??, ??, Gerold van Brussel, Jan Rozenberg, ?? Tweede rij: Waldo van Brussel, Frank Veldhuizen, ??, “Konga” Kong A San, Jan Veldhuizen, Walter Loor, Ewald van Brussel Vooraan, met bal: Wim van Brussel

Die broers van me hadden een ouderenvereniging UVV. En UVV stond voor Uitvlugt Voetbal Vereniging, omdat we allemaal in één buurt woonden. Het waren nagenoeg alleen maar boerenjongens. Twee van mijn broers die speelden erin. Wim die was keeper. En Gerold was in de voorhoede. Dan had je die andere Veldhuizen, Kong A San, Ewald van Brussel speelde ook voor ze en zo. en Rozenberg en Walter Loor en zo.
Maar mijn generatie, de generatie daarna, had RIVO. En RIVO stond voor Ren In Voor Overwinning. In het begin nagenoeg alleen maar boeroejongens en later hadden we 1 Creool, 1 Indiaan, 1 Javaan en 1 Hindostaan erin met alleen maar boeroejongens. Het leuke van de zaak was we speelden alleen maar in die buitenbuurten, niet in georganiseerd verband. SVB speelden we niet. We speelden alleen maar des zondags, meestal knock-out competitie. En een knock-out competitie op zo’n veld bestond uit 8 verenigingen. Die 8 kwamen tegen mekaar. Je had 4 winnaars. Die 4 winnaars kwamen tegen mekaar en dan kreeg je 2 winnaars en die speelden de finale. En dan ging het meestal zo dat de winnaar van de finale een grotere beker kreeg en de verliezer een iets kleinere beker. Of misschien, wij zeiden soms wij willen geen beker, maar de winnaar een kistje bier of twee kisten bier en wij hadden toen een enorm sterk team. 
In 1961 werd Leo Victor kampioen van Suriname. En Leo Victor kreeg een uitnodiging om naar Cayenne te gaan om een toernooi daar af te draaien met het nationaal elftal van Cayenne, de kampioen van Cayenne en de semi-kampioen en een mix van de twee sterkste teams uit Cayenne. En Fossie Belgrade, die toen trainer was van Leo Victor onderhield het contact tussen Suriname en Cayenne omdat hij een beetje Frans sprak. Dus Leo Victor had een uitnodiging gekregen om daar een toernooi te spelen twee weken lang en Leo Victor kon niet gaan. En Fossie Belgrade kwam bij mij om te vragen als RIVO, het team van de boerenjongens, daar naar toe zou gaan om het toernooi te spelen. Ik was toen secretaris en ik was 21 jaar. Percy Rozenberg was ondervoorzitter. Frits Mehciz was voorzitter. Wij hebben de zaak toen bekeken en besloten om te gaan, we gaan. Enkele spelers en ook voorzitter Mehciz konden niet meegaan. 
In Cayenne moesten we over het program gaan praten met de organisatie. En toen zaten al die grote Franse heren met hun pakken en hoed op en zo, en wij zaten er maar magertjes bij aan die tafel. Die heren met die grote snorren hebben wel vreemd opgekeken van die jongens uit Suriname.
Zo hebben we dat toernooi afgewerkt in Cayenne. Drie keer gelijk gespeeld en een wedstrijd met 2-0 verloren. We hebben gelijk gespeeld tegen de landskampioen. Een heel mooi resultaat.

RIVO Boys (Ren In Voor Overwinning), ca 1961

RIVO Boys (Ren In Voor Overwinning),
ca 1961.
V.l.n.r.: Rein Loor, Percy Rozenberg, Iwan Rozenberg. 8e van rechts: Erwin Stolk.

Maar hier in Suriname elke zondag hadden we minstens drie wedstrijden en door de week ook nog in Jeugdcentrum. We huurden Jeugdcentrum meestal op dinsdag en donderdagavond, want wij waren zo gek van het voetballen dat we niet stil konden zitten. Bijna professioneel. Maar ja, dan moesten we het Jeugdcentrum huren en dat kostte toen, dacht ik, 17,50 per avond. En daarvan moesten wij de helft betalen, maar het was een ramp om dat geld bij mekaar te krijgen, want we hadden het toen niet. Die boeren hadden het echt niet breed hoor. Ze hebben moeilijke tijden meegemaakt die boeren. 
Op die wedstrijden ’s zondags, wanneer wij die knock-out competitie gingen spelen soms braken er gevechten uit. Maar niet van nu dat ze pistool trekken, of messentrekken, echt met de hand en zo. Ik ben een paar keer op Eerste Hulp beland hoe ze me hebben afgetakeld op het veld of hebben geschopt op het veld. Maar het was toch een leuke tijd. Al die wedstrijden van ons vroeger. 
Op een gegeven moment hadden we een feestje, want we hadden de honderdste beker binnen. Hadden we ook nog een feestje gegeven, ter ere van die honderdste beker. Hele leuke tijd, voetbaltijd. 
Wij hebben als RIVO enkele jaren in SVB verband gevoetbald. Maar het veld van daar was erg slecht en zo. We moesten de derde klasse beginnen en we hielden meer om op zondags vrij te zijn om te gaan spelen. We wilden ons niet binden aan de SVB. We zijn wel een jaar of drie meegelopen met de SVB, maar toen hebben we het stopgezet. 
We hadden geen veld om te trainen, want dit veld bestond er later niet meer. Mijn vader heeft toen verkaveld en zo, want hier waar we nu zitten, daar was het veld waar UVV op speelden, dus die broers van me. Bij Loor had je ook een voetbalveld. Dat was van Fearless En hier in de Kolonistenweg op het terrein van Rozenberg had je ook een voetbalveld. Dus die weet ik niet precies. Ik ben vergeten hoe die verenigingen heetten. Maar wij zelf, RIVO, hadden geen voetbalveld. Wij gingen steeds uitspelen. De meeste boeroejongens zaten in RIVO. Je had enkele van die verenigingen Weg Naar Zee, EDO. EDO had een paar boeroejongens, maar de meesten waren in RIVO. Dus die Van Brussels, die Rozenbergs, die Loors, Veldkamps. In dat ene boek 150 jaar Boerenkolonisatie staat een foto. Maar die jongens speelden in georganiseerd verband op Bronspleintooltip. Bronsplein, en daar ben ik niet bij. Mijn broer Rudie was erbij, want ik was toen nog te jong. Ik mocht daar nog niet spelen en toen speelden ze blootsvoets. We hadden geen trainer, we hadden neks. We gingen alleen maar voetballen en de captain bepaalde jij speelt daar, jij speelt daar en jij speelt daar. 
Maar we hebben het toch hoog geschopt. Als de kampioen van Suriname geen toernooi kon gaan spelen, niet kon weggaan, dat ze RIVO vroegen om te gaan, wil zeggen dat ze toch wat in RIVO zagen. Als boyti vereniging als we het zo kunnen noemen. Het was een grote prestatie. Het was een hele gewaarwording voor mij geweest. Ik was toen 21 jaar. Maar ja, die tijden zijn voorbij ze komen jammer genoeg niet meer terug. Ik zou het graag willen herhalen.

Zaterdagmiddag vrij …

Maar andere leuke dingen van vroeger. Wij hadden een groot erf toch. En zaterdag was onze taak het erf harken, anders mochten we niet weggaan om te spelen. En we gingen op de Tammengaschool en achter de Tammengaschool had je onze vruchtentuin: sinaasappel, watermeloenen, noem maar op, kersen. De schooljongens die naar de Hermitage moesten lopen loerden wanneer Robby en ik wegwaren. Door de weeks, maar meestal op vrijdag deden ze het. Dan liepen zij door dat ding dan gingen ze vruchten stelen. Sinaasappels en zo. En we wisten het, maar we deden niks met ze. We gingen op de loer. Dus als we van school kwamen zetten we onze tas thuis dan gingen we snel op de loer liggen en als ze kwamen om te stelen dan pakten we ze. Dan brachten we ze thuis. En dan zeiden we: ‘Luister no, wat willen jullie? Jullie harken dat erf voor ons, of we zwepen jullie? Wat willen jullie?’ 
En meestal kozen ze voor harken. Zodoende hoefden wij niet te harken, want vrijdagmiddag werd er al geharkt. Dus Robby en ik waren zaterdag vrij.
Gelach … Het kwam goed uit!

Boerderij en school

Ter gelegenheid van het afscheid van Gouverneur Archibald Currie, 24 september 1964. Dansuitvoering op het Oranjeplein, thans Onafhankelijkheidsplein, georganiseerd door J. C. van Brussel, vader van Henk van Brussel. Vlnr. staand: Johannes Cornelis van Brussel, Dirk Rijsdijk, mevr. Schoonhoven-Timmer, Norman Veldhuizen, Mavis Tjon A Tjieuw-Loor, Joke van Brussel, Georgette van Brussel-van Raai, Rudie van Brussel, Gerold van Brussel, Henk van Brussel, meneer Monsanto, met handharmonica knielend: Ankie Thijs-van Brussel, Ramon Veldkamp, Edith Veldkamp, Cor Veldkamp, Armand Veldkamp, Jeanette Veldkamp, Marjorie van Raai, Nita Blenman-Gummels, Kenneth Veldhuizen (archief Henk en Georgette van Brussel-van Raai)

Ter gelegenheid van het afscheid van Gouverneur Archibald Currie, 24 september 1964. Dansuitvoering op het Oranjeplein, thans Onafhankelijkheidsplein, georganiseerd door J. C. van Brussel, vader van Henk van Brussel.
Vlnr. staand: Johannes Cornelis van Brussel, Dirk Rijsdijk, mevr. Schoonhoven-Timmer, Norman Veldhuizen, Mavis Tjon A Tjieuw-Loor, Joke van Brussel, Georgette van Brussel-van Raai, Rudie van Brussel, Gerold van Brussel, Henk van Brussel, meneer Monsanto, met handharmonica
knielend: Ankie Thijs-van Brussel, Ramon Veldkamp, Edith Veldkamp, Cor Veldkamp, Armand Veldkamp, Jeanette Veldkamp, Marjorie van Raai, Nita Blenman-Gummels, Kenneth Veldhuizen
(archief Henk en Georgette van Brussel-van Raai)

Het leven op die boerderij was fantastisch. Waar we nu zijn, we zijn nu aan de Ankielaan, dit was onze boerderij. De boerderij van mijn vader. Het liep van Colorado Store naar de Tweede Rijweg toe. Dus zo’n 50 hectare had die vader van mij. Dit was die binnenweg, beplant met cocosnootbomen weerszijden van onze boerderij. En als we gemolken hadden. Dan ging die vader van me eerst, en later die broers van me met een karretje de melk uitdelen in de stad. Toen ik in de stad op school ging moest ik me haasten want dan vond ik een lift mee met die ezelkar om naar school te gaan in de Herenstraat. Ik ben op de Tammengaschool geweest tot de vierde klasse. Het hoofd van de Tammengaschool, meneer Asin, die verhuisde toen van de Tammengaschool en ging ik met hem mee naar de Beatrixschool aan de Herenstraat. Heeft hij mijn vader gevraagd dat ik meeging met hem, dat me vader mij inschreef op de Beatrixschool. Maar mijn vader wilde niet. Want vroeger ging je van een districtsschool, hier werd als district beschouwd, op een stadschool dan ging je een klas lager zitten. Maar toen zei Asin: ‘Je hoeft niet bang te zijn.’ Hij zorgt ervoor dat ik daar in de vijfde klas kwam. En werkelijk hij heeft mij in de vijfde klas gezet. Dus twee jaar daar op school was ik geslaagd voor de MULO. Ben ik op de Frowein gegaan in de Wanicastraat.

Supermarket

Mijn vader was voorzitter van VANK, en medeoprichter. Ja. In het bestuur van de VANK zaten ook Frederik van Dijk, Jacobus Tammenga, Gerrit van Dijk, Frederik van Ravenswaaij, Willem Rijsdijk en Jacobus Bakker.
UNI was een afscheiding van VANK en die was van die Loor’s. Maar die heeft niet lang bestaan. 
Over de winkel gesproken. Kersten was de eerste supermarkt Hilo, nee Hola, was Kersten en iets verder in de Domineestraat, waar nu dat hotel van Parbo was, had je Vervuurt, van Supermarket Hilo. En wij waren hier op de hoek van de Van Brussel Laan en de Verlengde Gemenelandsweg. Ik had een gewone toonbank winkel en die hebben we toen omgebouwd tot een supermarket, zelfbediening. Dus wij waren de derde supermarket in Suriname. En nadat VANK verkocht werd aan die Tjin A Djie’s is dat een supermarket geworden. Supermarket Tjin A Djie en naderhand is het verkocht en nu is het Surtrin (Xerox).

Verkavelen

kaart van brussel met boerderij

De boerderij (van kaart 1936) gelegd over de stadsplattegrond van 1980. De latere verlenging van de Henkielaan is met een rode pijl aangegeven.

Toen wij de winkel daar hadden, aan de Van Brussellaan, was die niet geasfalteerd, het was gewoon een zandweg, Toen zijn we begonnen om daar een straat aan te leggen om te verkavelen. En ’s middags, zijn wij allemaal, papa, mama, broers, zusters met hark, tjap en schop begonnen de Van Brussellaan aan te leggen en toen is mijn vader begonnen te verkavelen. Mijn vader was toen nagenoeg de eerste verkavelaar in Suriname. 
De Van Brussellaan is de oudste laan van ons geweest en nu pas is het geasfalteerd geworden. Dit jaar! Al die broers en zusters hebben een laannaam en het leuke van de zaak is, van die 14 kinderen ben ik de langste en de Henkielaan die hebben ze nu doorgetrokken naar de Coppenamestraat en is nu de langste laan geworden! De Henkielaan begint bij de Ruthlaan.
Dit, waar ik nu woon, was onze binnenweg, die is genoemd naar Ankie. We zijn begonnen met de Ankielaan aan te leggen, de volgende was de Elizelaan, mijn moeder en zo kwamen we deze kant op. Daarna hebben we de zijwegen gedaan. De Ankielaan, toen het nog de binnenweg van onze boerderij was, had je aan weerszijden alleen maar kokosnootbomen. En waar de Waaischool is hadden we een brug. Want daar is die trens langs. Die trens liep van de Kolonistenweg, hebben de boeren zelf met de schop gegraven.

kwartierstaat henkie van brussel

Kwartierstaat van Henk van Brussel met zijn ouders, grootouders en overgrootouders.


Voor Deel 2 van de tori van Henk van Brussel